Afgestudeerd, en dan? 4 inzichten die je helpen bij carrièrestress
18342
page-template,page-template-full_width,page-template-full_width-php,page,page-id-18342,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-title-hidden,qode-child-theme-ver-1.2,qode-theme-ver-10.1.2,wpb-js-composer js-comp-ver-5.1,vc_responsive

Afgestudeerd, en dan…?

 

Vier inzichten die helpen bij carrièrestress

Je zit op een verjaardag, alle familieleden netjes in een kring, de hapjesschaal op tafel. Je oom naast je stelt na wat geklets de vraag waar je eigenlijk de hele avond al op wacht: “Goh, nu je bijna klaar bent met je studie… wat ga je hierna eigenlijk doen? De wereld ligt natuurlijk aan je voeten”. De hoofden in de kring draaien nieuwsgierig jouw kant op. Je voelt de spanning toenemen, er valt een akelige stilte… zachtjes zeg je: “Ik weet het nog niet”.

 

Herkenbaar? Dat zou zomaar kunnen. 75% van de jongeren tussen de 18 en 34 jaar ervaart keuze- en prestatiestress met vervelende effecten zoals depressiviteit, angststoornissen en burn-outs als gevolg. In het bijzonder de periode direct na het afstuderen is erg stressvol voor veel jongeren. De torenhoge verwachtingen van je omgeving, je eigen verlangen naar succes en het vooruitzicht op een heel nieuw leven, voeren de druk hoog op. Tijd voor een aantal relativerende inzichten, die je hopelijk wat rust geven.

 

Je vindt niet gelijk een droombaan

Na je studie gelijk je droombaan vinden, zet dat maar uit je hoofd. Het is veel realistischer om te bedenken dat je eerste baan waarschijnlijk niet je laatste is. Arbeidspsychologen zetten überhaupt vraagtekens bij onze eeuwige zoektocht naar een droombaan. Banen die alleen maar leuk en goed zijn bestaan namelijk niet. Ga liever uit van een simpel lijstje met punten die voor jou belangrijk zijn aan een baan en waar je energie van krijgt. Denk hierbij aan dingen als: gunstige werktijden, fijne collega’s of groeimogelijkheden. Als je het grootste deel van je lijstje af kan vinken, mag je tevreden zijn met je baan.

 

Werk is niet alles in het leven

Bijna iedereen zal onmiddellijk beamen dat werk niet het allerbelangrijkste is. En toch werken we meer dan we eigenlijk willen. In het inspirerende boek van Bronnie Ware, Als ik het leven over mocht doen – waarin de voormalig verpleegkundige gesprekken voert met ouderen aan het einde van hun leven en ze vraagt wat ze anders hadden willen doen – staat op nummer twee: minder werken. Nu propageren we niet om met z’n allen te gaan zitten niksen, maar probeer wel voor jezelf een fijne balans te vinden tussen je werkende leven en alles daarnaast.

 

De vrijheid om te leren

De mogelijkheid om te blijven leren – ondanks dat je er kort na je afstuderen misschien even niet aan moet denken – brengt een vorm van vrijheid met zich mee. Stel dat je na een paar jaar werken erachter komt dat een baan in een totaal andere richting veel beter bij je past, dan kun je dat vak altijd nog leren. Of combineer werken en studeren en laat je geleidelijk omscholen.

 

Een ander pad kiezen

Om aan de druk van de huidige prestatiegerichte maatschappij te ontsnappen, kiezen steeds meer afgestudeerden ervoor om een heel ander pad in te slaan: ze worden fietskoerier, gaan vrijwilligerswerk doen in Afrika of beginnen een camping in Spanje. Roep niet gelijk als het even tegenzit: “Ik begin een camping”. Maar als het echt een bewuste keuze is om totaal iets anders te doen dan werken in je studierichting en je hebt de voor- en nadelen goed afgewogen, ga er dan voor! Je bent namelijk gelukkig nog altijd baas over je eigen leven en loopbaan – zelfs als afgestudeerde.

11 december 2018